Gescheiden van de wereld
KRETA - Het toerisme op Griekenlands grootste eiland boomt. Op slechts tientallen kilometers afstand van het massatoeristische epicentrum ligt het ultieme contrast met de vakantievreugde: Spinalonga. Op dit mini-eiland sleten melaatsen tot ongeveer vijftig jaar geleden hun laatste dagen.
![]() |
| Al van ver zie je het Venetiaanse fort van Spinalonga opdoemen. |
Als je aan Griekenland denkt, zal de naam Zorba, de Griek ongetwijfeld je gedachten kruisen. De gelijknamige film maakte van Kreta een toeristische trekpleister in de jaren ‘60. Sindsdien is de noordkust van Kreta echter uitgegroeid tot een massatoeristisch walhalla. Jaarlijks zetten 6 miljoen toeristen voet op Kreta. Griekenlands grootste eiland is immers het zuidelijkste punt van Europa en naast een garantie op zomerse temperaturen biedt het woeste landschappen en intrigerende culturele bezienswaardigheden.
Mijn uitvalsbasis, Chersonissos, is dan ook een dorpje dat toerisme uitademt. Strandshops rusten in badend licht tussen autoverhuurzaken en kitcherige restaurants en bars. Kreta is vooral geliefd bij Noord-Europeanen, waaronder ook de Nederlanders en Belgen. Een muur van een autoverhuurzaak getuigt van de Nederlandse aanwezigheid met de woorden ‘Iedereen huurt hier!’. Hoewel ik op vakantie gewoonlijk op zoek ben naar wat meer authenticiteit, kan ik in deze omgeving enkele dagen rustig op adem komen. Even was het hemels genieten aan het zwembad in het hotel met een misdaadthriller in de aanslag. Daarna besloot ik dat de tijd er was gekomen voor wat meer sérieux. Een droevig, maar boeiend verhaal zou ons op Spinalonga te wachten staan. Griekenland had namelijk een eigen Molokai. Melaatsen vanover heel Griekenland werden per boot naar Spinalonga gestuurd om in quarantaine te sterven.
Het eiland van de levende doden
De route van Chersonnisos naar Spinalonga voert ons langs een rustiek stadje, Agios Nikolaos. In de reisgidsen wordt het geprezen om zijn authenticiteit, ondanks het oprukkende massatoerisme heeft het stadje zijn sfeer goed weten te behouden. In de haven ligt onze ferry aan tussen de slanke zeilboten. Als we vertrekken, leidt onze tocht ons langs een kleurenpallet van oker, olijfgroen en bruin van bergen in diepazuurblauw water. Onderweg stoppen we aan een prachtig schiereiland, waar een verlaten strandje wacht om ingepalmd te worden door naarstige zwemmers. Het water is zodanig helder dat we een school vissen zien jagen op een lagere soort van de voedselketen. De gids waarschuwt voor zee-egels. In de twee uur dat we aangemeerd liggen, zijn er enkel vissen te bekennen.
Na een verfrissende duik zetten we onze koers voort. Spinalonga duikt plots op achter een bocht. Een minuscuul eilandje met een opvallend Venetiaans fort. Drommen toeristen schuifelen de loopbrug van de ferry af. Ik beeld me in hoe de leprozen zich gevoeld moeten hebben, toen zij hier voet aan land zetten. De wanhoop nabij?
In de 19de eeuw was lepra een gevreesde ziekte. Het is een besmettelijke, toen nog ongenezelijke ziekte. Het verloop van de ziekte was ook angstaanjagend. Naarmate de ziekte zich verder zette, verloren de leprozen hun ledematen. En zelfs de beste dokters uit die tijd wisten niet hoe de besmetting in zijn werk ging. De gekleurde vlekken op het lichaam die lepra aankondigden, waren een doodsvonnis. De mensen probeerden de vlekken te verbergen. Want als ze werden ontdekt, betekende dat verbanning. Door leprozen te verplichten in geïsoleerde kolonies te wonen, probeerde men immers epidemieën te voorkomen. En een heenreis naar Spinalonga, in de volksmond het eiland van de levende doden, betekende dat je je geliefden nooit meer terug zou zien.
+-+photoshop.gif)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten